Een klacht komt zelden via één kanaal binnen. De ene klant stuurt een e-mail, de andere belt, een derde typt een bericht in de WhatsApp van de zaak en een vierde zegt het gewoon tegen de monteur die net langs is geweest. Zodra een bedrijf meer dan één medewerker heeft die klantcontact heeft, ontstaat het probleem: niemand heeft het volledige overzicht.
Dat is op zich geen ramp zolang het om een enkele klacht per week gaat die je zelf oppakt en binnen een dag afhandelt. Het wordt wel een probleem zodra een collega een klacht aanneemt, vergeet die door te geven, en de klant twee weken later nog niets heeft gehoord. Of wanneer dezelfde klacht drie keer binnenkomt via drie kanalen, en drie mensen er onafhankelijk van elkaar mee aan de slag gaan.
De kern van het probleem is niet de klacht zelf, maar dat er geen vast punt is waar alle klachten samenkomen. Een postvak, een blocnote naast de telefoon en een WhatsApp-groep zijn geen systeem — het zijn drie plekken waar informatie kan verdwijnen. Volgens de Rijksoverheid moet een klant die ontevreden is eerst zelf contact opnemen met de verkoper en schriftelijk aangeven wat hij als goede oplossing ziet, voordat hij naar een geschillencommissie of de kantonrechter kan stappen. Die eerste klacht, en jouw reactie daarop, doet er dus ook toe als het verder escaleert.
