Bij vaste maandbedragen is een gewone factuur omslachtig. Je stuurt hem, je wacht, en bij een deel van de klanten moet je alsnog achter je geld aan. Voor bedrijven met terugkerende contracten - een schoonmaakbedrijf dat elke maand hetzelfde pand doet, een hovenier met een onderhoudscontract, een uitzendbureau dat wekelijks dezelfde uren factureert - is automatische incasso daarom aantrekkelijk. Het bedrag gaat vanzelf van de rekening van de klant af, op een vaste datum, zonder dat iemand een factuur hoeft te openen.
Dat klinkt als de oplossing voor achterstallige betalingen. Voor een deel is dat ook zo: je hoeft niet meer te bellen of te mailen omdat een factuur is blijven liggen. Maar automatische incasso is geen betaalgarantie. Er zit een juridisch verschil tussen het soort incasso dat je instelt, en dat verschil bepaalt hoeveel zekerheid je daadwerkelijk krijgt. Wie zonder na te denken kiest voor de standaardoptie die de bank aanbiedt, kan achteraf voor een verrassing komen te staan als een klant het geïncasseerde bedrag zomaar terugboekt - weken nadat het geld al als binnen gold.
Dit artikel gaat over wat je vooraf moet weten: het verschil tussen de twee soorten SEPA-incasso, wat een machtiging precies moet bevatten, en in welke situaties een factuur met een betaaltermijn eigenlijk beter werkt dan automatisch afschrijven.
