Alle artikelen

Loonkostenvoordeel (LKV) bijhouden: de deadline die je vaak mist

Oarized · 20 september 2026

Wat loonkostenvoordeel is en voor wie het geldt

Loonkostenvoordeel (LKV) is een tegemoetkoming voor werkgevers die iemand uit een bepaalde doelgroep in dienst nemen. Denk aan een werknemer met een arbeidsbeperking, iemand uit de banenafspraak-doelgroep, of een werknemer die je herplaatst na ziekte of arbeidsongeschiktheid. Je krijgt dan een korting op de loonkosten, uitbetaald via de Belastingdienst.

Tot 1 januari 2026 bestond er ook een LKV voor oudere werknemers (56 jaar en ouder). Dat voordeel is per die datum afgeschaft. Volgens Ondernemersplein geldt overgangsrecht: kwam de werknemer vóór 1 januari 2024 in dienst, dan behoudt de werkgever het recht op LKV voor oudere werknemers, tot maximaal drie jaar na indiensttreding. Is iemand op of na 1 januari 2026 in dienst gekomen, dan krijgt die werknemer geen doelgroepverklaring meer voor deze categorie en heeft de werkgever geen recht op dit voordeel.

De categorieën die in 2026 nog wél gelden:

  • Arbeidsbeperkte werknemer (nieuw of herplaatst)
  • Werknemer uit de banenafspraak-doelgroep of scholingsbelemmerden
  • Herplaatsing van een arbeidsgehandicapte werknemer binnen je eigen bedrijf

Elke categorie heeft eigen voorwaarden, bedragen en een eigen looptijd. En voor elk geldt hetzelfde: zonder de juiste papieren op tijd, geen geld.

De deadline die het vaakst misgaat: drie maanden

Het punt waar werkgevers dit voordeel het vaakst mislopen, is niet het bedrag of de voorwaarden. Het is de deadline voor de doelgroepverklaring.

Volgens UWV moet de werknemer — of iemand die daarvoor gemachtigd is — de doelgroepverklaring LKV aanvragen binnen drie maanden nadat het dienstverband is begonnen. Voor een herplaatste werknemer geldt dezelfde termijn vanaf de dag dat die werknemer weer bij jou aan het werk gaat. Komt een werknemer uit de WIA, dan telt de termijn vanaf het einde van de wachttijd of de toekenning van de uitkering.

Mis je die drie maanden, dan is de zaak definitief gesloten. UWV is daar duidelijk over: na die termijn heeft de werknemer geen recht meer op de doelgroepverklaring, en krijgt de werkgever dus geen loonkostenvoordeel. Er is geen coulanceregeling en geen herkansing.

De aanvraag zelf verloopt via een digitaal formulier bij UWV — bij een uitkering uit het buitenland via een papieren formulier. Binnen twee weken krijg je een ontvangstbevestiging, binnen acht weken een beslissing, dertien weken als er informatie ontbreekt. Reken er dus niet op dat je snel weet of de aanvraag is goedgekeurd; zorg dat de aanvraag zelf op tijd de deur uit is, niet dat de beoordeling al binnen is.

Drie maanden lijkt lang, tot je bedenkt hoe een indiensttreding er in de praktijk uitziet: een nieuwe collega die de eerste weken vooral wordt ingewerkt, een HR-taak die tussen andere prioriteiten verdwijnt, een verklaring die in een postvak blijft liggen. Het is geen ingewikkeld proces — het is een proces dat makkelijk vergeten wordt, juist omdat het maar één keer per nieuwe medewerker voorkomt.

Wat het oplevert in 2026

Volgens de tarieven van UWV geldt voor 2026:

  • Arbeidsbeperkte werknemer (nieuw of herplaatst): € 3,05 per verloond uur, met een maximum van € 6.000 per kalenderjaar. Dit voordeel loopt maximaal drie jaar vanaf de datum van indiensttreding.
  • Werknemer uit de banenafspraak-doelgroep of scholingsbelemmerden: € 1,01 per verloond uur, met een maximum van € 2.000 per kalenderjaar. Sinds 1 januari 2026 is de looptijd niet meer beperkt tot drie jaar; het loopt door zolang de werknemer bij je in dienst is, tot uiterlijk de AOW-leeftijd.
  • Herplaatsing van een arbeidsgehandicapte werknemer binnen je eigen bedrijf: € 3,05 per verloond uur, met een maximum van € 6.000 per kalenderjaar, voor maximaal één jaar.

Voor een medewerker die het hele jaar fulltime werkt, loopt het bedrag voor de eerste en de derde categorie al snel tegen het jaarmaximum aan. Bij een parttime dienstverband van 20 uur per week kun je het zelf uitrekenen: 20 uur × 52 weken × € 3,05 komt uit op ruim € 3.170 — ruim onder het jaarmaximum van € 6.000.

Kom je voor dezelfde werknemer in aanmerking voor meerdere LKV's tegelijk, dan betaalt de Belastingdienst alleen het hoogste bedrag uit, niet de som van alles.

Hoe je het daadwerkelijk claimt

Je vraagt LKV niet los aan bij de Belastingdienst. Zodra je een geldige doelgroepverklaring hebt — of de werknemer in het doelgroepregister staat voor de banenafspraak — claim je het voordeel via de aangifte loonheffingen, met de juiste indicatiecodes voor de betreffende doelgroep.

Volgens UWV geldt daarbij een vaste jaarcyclus met een aantal harde momenten:

  • 31 januari — uiterste datum waarop je de aangifte over het voorgaande jaar bij de Belastingdienst moet hebben ingediend.
  • 15 maart — UWV stuurt een voorlopige berekening van het bedrag waar je recht op hebt.
  • 1 mei — uiterste datum om wijzigingen in je aangifte door te geven, als de voorlopige berekening niet klopt met wat je zelf verwacht.
  • 31 juli — de Belastingdienst stuurt de definitieve berekening.
  • zes weken daarna — uitbetaling van het bedrag.

Controleer die voorlopige berekening in maart dus serieus. Het is het enige moment waarop je nog kunt bijsturen voordat het bedrag definitief wordt vastgesteld. Klopt er iets niet — ontbreekt een werknemer, wijkt een bedrag af — dan moet die correctie vóór 1 mei binnen zijn.

Dit hele traject loopt via je salarisadministratie. Besteed je die uit aan een boekhouder of payrollbureau, vraag dan expliciet of LKV wordt meegenomen. Het gebeurt niet automatisch alleen omdat je ooit een doelgroepverklaring hebt aangevraagd.

Zo voorkom je dat je het misloopt

Het probleem met LKV is niet dat het ingewikkeld is. Het probleem is dat het een proces is dat maar een paar keer per jaar voorkomt — bij elke nieuwe indiensttreding van iemand uit een doelgroep — en dat daardoor makkelijk tussen wal en schip valt.

Een paar dingen die in de praktijk werken:

  • Leg de termijn vast op het moment van indiensttreding, niet later. Zet de deadline van drie maanden direct in je agenda of personeelsdossier zodra je weet dat een nieuwe medewerker mogelijk in aanmerking komt, niet pas wanneer iemand zich dat een maand later herinnert.
  • Maak de doelgroepverklaring onderdeel van je onboardingchecklist. Net zoals een contract, een VOG-aanvraag of een bedrijfspas een vast onderdeel is van iemand aannemen, hoort de LKV-check daar ook bij als de werknemer in aanmerking kan komen.
  • Controleer de voorlopige berekening in maart tegen je eigen administratie. Vergelijk het aantal verloonde uren en het aantal werknemers waarvoor UWV rekent met wat je zelf verwacht.
  • Laat één persoon eigenaar zijn van dit proces. Zodra de verantwoordelijkheid tussen HR, salarisadministratie en een extern bureau zweeft, is de kans het grootst dat niemand de deadline bewaakt.

Bedrijven die dit soort terugkerende, datumgebonden processen laten zweven tussen verschillende mensen en systemen, lopen niet alleen LKV mis — hetzelfde patroon speelt bij subsidies, garantietermijnen en contractvervaldata. Oarized helpt bedrijven dat soort losse eindjes in kaart te brengen, maar de eerste stap is simpel: zet de deadline vast op de dag dat iemand in dienst treedt, niet op de dag dat je eraan denkt.