De meeste ondernemers kennen de WOZ-waarde alleen als de basis voor de onroerendezaakbelasting (OZB) die de gemeente jaarlijks oplegt. Een hogere waarde betekent dan simpelweg een hogere aanslag. Dat alleen al is reden genoeg om de waarde te controleren, maar er speelt nog iets dat minder bekend is en financieel vaak zwaarder weegt.
Voor de vennootschapsbelasting bepaalt de WOZ-waarde namelijk ook tot hoever je een bedrijfsgebouw fiscaal mag afschrijven. De Belastingdienst stelt het zo: "De WOZ-waarde geldt als de bodemwaarde van het pand." En verder: "U mag voor de vennootschapsbelasting niet meer afschrijven als de WOZ-waarde van het pand is bereikt."
Dat betekent dat de boekwaarde van je pand nooit onder de WOZ-waarde mag dalen. Staat je bedrijfspand voor een bedrag op de balans dat al dicht bij de WOZ-waarde ligt, dan kan een te hoge WOZ-waarde je rechtstreeks afschrijvingsruimte kosten, los van wat je aan OZB betaalt. Een pand dat je al jaren geleden hebt gekocht en grotendeels hebt afgeschreven, loopt dit risico het sterkst: elke verhoging van de WOZ-waarde kan dan betekenen dat je meteen minder, of helemaal niets meer, mag afschrijven.
