← Alle artikelen

Bedrijfsgegevens in je e-mail en op je website: wat moet er echt in

Oarized · 7 oktober 2026

Wat er verplicht in je e-mail, offertes en op je website moet staan

Veel bedrijven denken dat de regels over bedrijfsgegevens alleen voor facturen gelden. Dat klopt niet. Volgens Ondernemersplein vallen brieven, e-mails, offertes, folders, faxberichten en je website allemaal onder "bedrijfscorrespondentie", en moet je daarop altijd je handelsnaam en je KVK-nummer vermelden. Voor facturen gelden daarnaast nog extra, strengere eisen.

Heb je een coöperatie, een onderlinge waarborgmaatschappij, een bv of een nv, en wijkt je handelsnaam af van de statutaire naam uit de oprichtingsakte? Dan moet die volledige statutaire naam er ook bij staan. Bij een bv of nv komt daar nog de statutaire zetel bij: de vestigingsplaats zoals die in de akte staat, niet per se de plek waar je daadwerkelijk werkt.

Voor je website noemt Ondernemersplein een iets langere lijst: je volledige naam en handelsnaam, je vestigingsadres (tenzij dat is afgeschermd in het Handelsregister), een e-mailadres en telefoonnummer, en de naam en vestigingsadres van de aanbieder als je niet zelf degene bent die levert. Verkoop of lever je online, dan komen daar nog je KVK-nummer en je btw-identificatienummer bij.

De ACM voegt voor verkoop aan consumenten een vergelijkbare lijst toe: de naam waarmee je bij de KVK staat ingeschreven, je vestigingsadres, e-mailadres, telefoonnummer en, als je moeilijk bereikbaar bent, je openingstijden. Werk je met een geschillencommissie, dan vermeld je dat ook.

Waarom dit misgaat zodra je met meerdere mensen werkt

Bij een eenmanszaak met één mailbox is dit zelden een probleem: je stelt je handtekening één keer in en klaar. Zodra er een tweede, derde of tiende medewerker bijkomt, ontstaat het probleem bijna automatisch. Iedereen zet zijn eigen e-mailhandtekening op, meestal door die van een collega te kopiëren op het moment dat hij in dienst kwam. Wijzigt er daarna iets, zoals een verhuizing, een nieuw telefoonnummer of de overstap van een eenmanszaak naar een bv, dan wordt dat zelden bij iedereen bijgewerkt.

Een paar situaties die in de praktijk steeds terugkomen: een nieuwe medewerker die de handtekening van een jaar geleden doorkopieert, met een KVK-nummer dat inmiddels is gewijzigd na een fusie. Een rebranding waarbij de nieuwe handelsnaam wel op de website staat, maar niet in de e-mail van de helft van het team. Medewerkers die op hun telefoon een andere, kortere handtekening hebben dan op hun laptop, zonder de verplichte gegevens. Een freelancer of zzp'er die met het bedrijfsadres mailt, maar in zijn handtekening zijn eigen eenmanszaak vermeldt in plaats van het bedrijf waarvoor hij op dat moment werkt.

Geen van deze situaties is op zichzelf een ramp. Maar ze zijn precies waarom "iedereen regelt zijn eigen handtekening" bij meer dan een paar mensen geen houdbare aanpak is.

Hoe je dit centraal regelt in plaats van per persoon

De kern van de oplossing is simpel: zorg dat de verplichte gegevens niet afhankelijk zijn van wat een individuele medewerker heeft ingesteld. Beide grote zakelijke mailomgevingen bieden hiervoor een weg. Bij Microsoft 365 kun je via een transportregel in de Exchange-beheerconsole een vaste voettekst laten toevoegen aan uitgaande e-mail, zodat die gegevens er sowieso bij staan, los van de persoonlijke handtekening die iemand daarboven heeft staan. Bij Google Workspace kan een beheerder via de beheerdersconsole een verplichte voettekst instellen die voor de hele organisatie of per afdeling geldt.

Voor bedrijven met meer dan een paar tientallen medewerkers, meerdere afdelingen met eigen contactgegevens, of regelmatige wijzigingen (nieuwe vestigingen, een jaarlijkse huisstijlupdate) bestaan er ook gespecialiseerde tools die de hele handtekening centraal beheren, inclusief functie, foto en actuele campagnebanners, en die automatisch meebewegen als iemand van team wisselt.

Het voordeel van elke centrale aanpak is hetzelfde: je past de gegevens op één plek aan, en de wijziging geldt direct voor iedereen, op elk apparaat. Niemand moet er zelf aan denken, en niemand kan per ongeluk een verkeerde of verlopen versie laten staan.

Wanneer centraal beheer de moeite waard is, en wanneer niet

Bij een eenmanszaak of een team van twee of drie mensen is dit zelden een project waard. Een gedeeld document met de juiste tekst, die iedereen één keer kopieert naar zijn eigen instellingen, is dan voldoende. De kans dat iemand die handtekening nooit meer aanpast, is klein, en de schade als dat toch gebeurt is beperkt.

Centraal beheer via een transportregel of beheerdersconsole begint de moeite waard te worden zodra je team regelmatig wisselt, uit meerdere locaties of afdelingen bestaat, of zodra je al eens hebt meegemaakt dat een klant een factuur of offerte met de verkeerde bedrijfsnaam terugstuurde. Vanaf dat punt weegt de tijd die je kwijt bent aan het achteraf corrigeren van iedereen niet meer op tegen de tijd die een centrale regel eenmalig kost om in te stellen.

Een nuchtere vuistregel: als een wijziging in je bedrijfsgegevens (een verhuizing, een rechtsvormwijziging, een nieuw telefoonnummer) bij jou intern meer dan een paar e-mails en een herinnering achteraf kost om door te voeren, is dat een signaal dat het inrichten van een centrale regel die moeite al heeft terugbetaald voordat je er goed naar gekeken hebt.

Wat er op het spel staat als je bedrijfsgegevens niet kloppen

De ACM is duidelijk over het uitgangspunt: "Zorg ervoor dat consumenten uw bedrijfsgegevens vóór de koop makkelijk kunnen vinden." Dat geldt voor de header of footer van je website, een link naar een contactpagina, en net zo goed voor de correspondentie die daarna volgt. De ACM voegt daar een praktische eis aan toe die verder gaat dan alleen de juiste tekst: "En wees echt bereikbaar. Beantwoord e-mails en neem de telefoon op."

Voor deze regels verwijst de ACM naar de artikelen 3:15d, 6:230b, 6:230l en 6:230m van het Burgerlijk Wetboek. De ACM-pagina zelf benoemt geen concrete boetes of sancties voor onvolledige bedrijfsgegevens; ze legt vooral uit wat er moet gebeuren, niet wat de straf is als het misgaat. Het risico zit vooral in de praktijk: een klant die een klacht of geschil heeft en je bedrijfsgegevens niet goed terugvindt, een offerte die niet als rechtsgeldig wordt herkend omdat de afzender niet overeenkomt met de vermelde bedrijfsnaam, of een onderneming die bij een controle niet kan aantonen dat de verplichte gegevens stelselmatig op orde waren.

Precies dat laatste punt, stelselmatig op orde, is waarom dit geen kwestie is die je één keer goed regelt en daarna kunt laten liggen.