Alle artikelen

BHV bijhouden: wat de Arbowet vraagt en wat je zelf regelt

Oarized · 21 september 2026

Wat de wet vraagt

Bedrijfshulpverlening is geen keuze. Artikel 15 van de Arbeidsomstandighedenwet verplicht elke werkgever om zich te laten bijstaan door "een of meer werknemers die door hem zijn aangewezen als bedrijfshulpverleners". Er staat geen ondergrens bij: ook met één medewerker in dienst moet je dit regelen. Ben je zelf de enige werknemer naast de eigenaar, dan kun je die rol zelf vervullen, mits je de training hebt gevolgd.

De taken van een bhv'er staan in hetzelfde artikel, tweede lid: eerste hulp verlenen bij ongevallen, een beginnende brand bestrijden en de gevolgen van een ongeval beperken, en in noodsituaties alarmeren en evacueren. Het derde lid voegt daar de randvoorwaarden aan toe: de bhv'ers moeten "over een zodanige opleiding en uitrusting" beschikken en "zodanig in aantal en zodanig georganiseerd" zijn dat ze die taken naar behoren kunnen uitvoeren.

Dat is met opzet vaag geformuleerd. De wet schrijft geen vast aantal bhv'ers, geen verplichte cursus en geen vaste hoeveelheid materiaal voor. Ze schrijft wel voor dat het resultaat klopt: als er iets gebeurt, moet er iemand zijn die weet wat hij doet, met de juiste spullen bij de hand. Hoe je daar komt, bepaal je zelf aan de hand van je eigen risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E).

Hoeveel bhv'ers heb je nodig?

Er is geen getal in de wet dat zegt "één bhv'er per zoveel medewerkers". Het Arboportaal, de officiële voorlichtingssite van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over arbeidsomstandigheden, koppelt het aantal en de organisatie van bhv'ers aan de uitkomst van je RI&E: de omvang van het bedrijf, de risico's van het werk, en hoe de mensen over het pand of de bouwplaats verspreid zijn.

In de praktijk betekent dat: één kantoor met vijf mensen op één verdieping heeft andere behoeften dan een bedrijf met een loods, een buitenterrein en een aparte kantine. Werk je in ploegen, dan moet er in elke ploeg een bhv'er aanwezig zijn, niet alleen tijdens kantooruren. Werk je op wisselende locaties, zoals een bouwbedrijf dat op meerdere projecten tegelijk mensen heeft staan, dan moet op elke locatie waar structureel werk gebeurt iemand met een geldig certificaat aanwezig zijn.

De vuistregel die de meeste Arbo-adviseurs hanteren, is dat er op elk moment dat er wordt gewerkt minimaal één opgeleide bhv'er beschikbaar moet zijn. Dat klinkt simpel, maar wordt lastig zodra iemand met vakantie is, ziek wordt, of van baan wisselt. Daarom is de eerste stap niet "hoeveel bhv'ers heb ik nodig", maar "wie is er op elk moment daadwerkelijk aanwezig en opgeleid".

Wat je moet bijhouden

Zodra je bhv'ers hebt aangewezen, begint het onderhoud. Het Arboportaal noemt als vuistregel dat een bhv'er één keer per jaar een herhalingscursus doet om de vaardigheden op peil te houden. Een basiscertificaat is dus geen eenmalige actie: zonder herhaling verloopt de feitelijke bekwaamheid, ook al staat er geen harde vervaldatum in de wet zelf.

Daarnaast moet je drie dingen in de gaten houden:

  • Wie er nog bhv'er is. Mensen veranderen van functie, gaan parttime werken of verlaten het bedrijf. Een lijst die twee jaar niet is bijgewerkt, klopt meestal niet meer.
  • Of de uitrusting compleet en werkend is. Denk aan veiligheidshesjes, brandblussers, een verbanddoos en communicatiemiddelen. Een brandblusser die niet meer gekeurd is, telt in de praktijk niet mee.
  • Of er geoefend wordt. De wet vraagt niet expliciet om een jaarlijkse ontruimingsoefening, maar zonder oefening blijkt in de praktijk vaak dat een vluchtroute geblokkeerd is of dat niemand het verzamelpunt kent.

De meeste bedrijven leggen dit vast in een simpel overzicht: naam, laatste cursusdatum, eerstvolgende herhaling, en een check op de uitrusting. Zonder dat overzicht ontdek je een gat meestal pas als het te laat is.

Wat er in de praktijk misgaat

Drie situaties komen steeds terug bij bedrijven die bhv op orde dachten te hebben.

De eerste: de enige opgeleide bhv'er verandert van functie of gaat weg, en niemand regelt een vervanger. Het bedrijf heeft dan op papier ooit aan de eis voldaan, maar voldoet er feitelijk niet meer aan. Dit gebeurt vooral bij kleine bedrijven waar bhv bij één persoon is belegd omdat die toevallig al een cursus had.

De tweede: de herhalingscursus schuift steeds een paar maanden op — eerst door drukte, dan door vakantie, dan is het een jaar later. Niemand heeft dat expliciet besloten, het gebeurt gewoon omdat er geen vaste datum aan vastzit die opvalt in de agenda.

De derde, vooral bij bedrijven met meerdere locaties of een flexibele schil van onderaannemers en uitzendkrachten: er is wel een bhv'er in dienst, maar niet op de locatie waar op dat moment wordt gewerkt. Bij een controle door de Nederlandse Arbeidsinspectie telt "we hebben iemand op kantoor" niet als bhv op de bouwplaats.

Geen van deze drie is een groot incident. Het zijn kleine, geleidelijke verschuivingen die niemand actief besluit, en die pas zichtbaar worden bij een controle of, erger, bij een echt ongeval.

Wanneer het simpel blijft, en wanneer niet

Heb je een vast team van drie tot vijf mensen op één locatie, dan is bhv meestal geen ingewikkeld vraagstuk. Eén of twee mensen laten opleiden, de herhalingscursus in de agenda zetten naast een ander jaarlijks terugkerend moment zoals de RI&E-update, en jaarlijks kort checken of de uitrusting nog compleet is. Een simpele jaarlijkse herinnering volstaat dan; hier is geen systeem voor nodig.

Het wordt anders zodra er meerdere locaties zijn, ploegendiensten, seizoensarbeid, of een flexibele schil van zzp'ers en onderaannemers die per project wisselt. Dan verandert de vraag "wie is er bhv'er" in een continu proces: elke keer dat de bezetting wijzigt, moet je opnieuw checken of er op elke locatie en in elke ploeg dekking is. Bij een bouwbedrijf met tientallen vaste functies en een wisselende flexibele schil is dat een ander vraagstuk dan bij een eenmanszaak.

De vuistregel: zolang je de bezetting in je hoofd kunt overzien, is een jaarlijkse check in de agenda genoeg. Zodra je moet nadenken over wie er volgende week op welke locatie staat en of daar een geldig certificaat bij zit, is een overzicht dat je actief moet raadplegen niet meer voldoende — dan helpt het om dit ergens vast te leggen waar het je actief opvalt als er een gat valt, in plaats van pas bij een controle.