Veel verkopers gaan ervan uit dat garantie na twee jaar automatisch stopt. Dat is een van de meest hardnekkige misverstanden in de detailhandel, en de ACM waarschuwde winkeliers hier op 10 juli 2025 expliciet voor. De toezichthouder noemt vijf terugkerende problemen die ze bij consumentenklachten tegenkomt: verkopers die stellen dat garantie standaard na twee jaar eindigt, klanten doorverwijzen naar de fabrikant in plaats van het zelf af te handelen, voorrijkosten rekenen ondanks een terechte garantieclaim, geen passend alternatief bieden na meerdere mislukte reparaties, en geen alternatief bieden als repareren niet meer mogelijk is.
De ACM geeft aan jaarlijks duizenden meldingen te krijgen over slecht afgehandelde garantiekwesties, en gaf ondernemers destijds drie maanden om hun werkwijze aan te passen voordat er controles zouden volgen. Twee jaar is namelijk geen wettelijke garantietermijn — het is de duur die veel winkels standaard hanteren voor hun eigen, aanvullende garantie. Dat is een andere garantie dan waar de wet je toe verplicht, en de twee lopen door elkaar in vrijwel elk garantiegesprek dat misgaat.
Het verschil zit in de naam: naast de commerciële garantie die een verkoper of fabrikant vrijwillig aanbiedt (vaak met een vaste duur, zoals twee jaar), bestaat er altijd een wettelijke garantie op grond van het conformiteitsbeginsel in het Burgerlijk Wetboek. Die wettelijke garantie stopt niet op een vaste datum. Verloopt de commerciële garantie van een klant, dan houdt zijn recht op een werkend product niet automatisch op — hij valt terug op de wettelijke garantie, die in veel gevallen langer doorloopt.
