Een concurrentiebeding is een afspraak in de arbeidsovereenkomst die je ex-werknemer verbiedt om voor een concurrent te gaan werken, of zelf een concurrerend bedrijf te starten, voor een bepaalde periode na het einde van het dienstverband. De wettelijke basis staat in artikel 7:653 van het Burgerlijk Wetboek.
Het doel is simpel: je wilt voorkomen dat iemand die precies weet hoe jouw bedrijf werkt, met wie je klanten bent en wat je prijzen zijn, die kennis een week later tegen je inzet bij de buurman. Dat risico is reëel in sectoren waar klantrelaties en vakkennis het onderscheidende vermogen van een bedrijf vormen, denk aan installatiebedrijven, adviesbureaus of specialistische dienstverlening.
Een concurrentiebeding wordt vaak verward met een relatiebeding. Dat laatste is beperkter: de werknemer mag dan wel bij een concurrent aan de slag, maar niet actief contact zoeken met klanten of zakelijke relaties van de oude werkgever. Een relatiebeding raakt iemands mogelijkheden om elders te werken minder hard, en wordt daarom door rechters minder snel als onredelijk beoordeeld dan een volledig concurrentiebeding. Welke van de twee passend is, hangt af van wat je werkelijk wilt beschermen: de klantrelatie, of de vakkennis zelf.
