Alle artikelen

Contract automatisch verlengd: welke opzegtermijn geldt voor jouw bedrijf

Oarized · 23 september 2026

Wat de wet voor consumenten regelt

Sinds de invoering van de Wet Van Dam in 2011 is stilzwijgende verlenging van abonnementen aan strikte regels gebonden — maar alleen voor consumenten. Volgens Ondernemersplein, het gezamenlijke overheidsloket van onder meer KVK en de Belastingdienst, geldt voor een consumentenabonnement dat stilzwijgend wordt verlengd: "Opzeggen kan op elk moment, dus niet pas na een bepaalde looptijd. De opzegtermijn is maximaal 1 maand." Stilzwijgende verlenging mag bovendien alleen als de aanbieder dit vooraf, bij het afsluiten van het abonnement, duidelijk heeft gemeld.

Deze regel is bedoeld om te voorkomen dat mensen jaren vastzitten aan een abonnement omdat ze de opzegtermijn zijn vergeten of nooit wisten dat die bestond. Een jaarabonnement dat stilzwijgend wordt verlengd, mag na de eerste looptijd op elk moment worden opgezegd, met een termijn van maximaal een maand. Alleen bij een abonnement op een uitgave die minder dan één keer per maand verschijnt, mag de opzegtermijn oplopen tot drie maanden.

Het probleem: dit is precies de bescherming die veel ondernemers in hun achterhoofd hebben zitten wanneer ze een zakelijk contract tekenen. Ze gaan ervan uit dat ze, net als privé, na het eerste jaar zonder poespas kunnen opzeggen. Dat uitgangspunt klopt niet zodra de overeenkomst een zakelijke overeenkomst is — dus gesloten door je bedrijf, niet door jou als privépersoon.

Waarom dit anders ligt voor jouw bedrijf

De Wet Van Dam is onderdeel van het consumentenrecht en gekoppeld aan de definitie van consument: een natuurlijk persoon die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf. Zodra je bedrijf de contractpartij is — een vof, bv of eenmanszaak die handelt vanuit de onderneming — val je buiten die definitie, en dus buiten de wettelijke opzegtermijn van één maand.

Ondernemersplein bevestigt dit onderscheid en verwijst bedrijven terug naar het contract zelf: "U kunt deze regels verwerken in de overeenkomst en de algemene voorwaarden." Met andere woorden: voor zakelijke contracten is er geen wettelijke ondergrens die de leverancier dwingt tot een korte opzegtermijn. Wat er staat in het contract en de algemene voorwaarden, is in beginsel gewoon geldig — ook als dat een opzegtermijn van drie maanden, een stilzwijgende verlenging van een heel jaar, of allebei inhoudt.

Dat is de reden waarom leveranciers van software, onderhoud, verzekeringen en leasecontracten hun zakelijke voorwaarden vaak bewust anders opstellen dan hun consumentenvoorwaarden. Niet omdat het onwettig zou zijn om de consumentenregels ook voor bedrijven te hanteren, maar omdat de wet dat niet verplicht. Een rechter kan een opzegbeding in uitzonderlijke gevallen nog toetsen op grond van redelijkheid en billijkheid, maar dat is een uitzondering, geen automatische bescherming — en een procedure voer je niet voor een contract van een paar honderd euro per jaar.

De uitzondering voor telecomcontracten

Er is één duidelijke uitzondering waarbij zakelijke gebruikers wél expliciet worden beschermd: telecomcontracten. Voor een zakelijk abonnement voor telefonie of internet bij een kleinere onderneming geldt volgens Ondernemersplein dat de ondernemer dit contract "op elk moment zonder kosten" mag opzeggen, met "een opzegtermijn van maximaal 1 maand", ook als het stilzwijgend is verlengd.

Deze uitzondering staat los van de algemene regel en is specifiek voor telecomabonnementen vastgelegd, omdat de wetgever kleine ondernemers op dit punt kwetsbaar genoeg vond om gelijk te stellen aan consumenten. Het gaat dus niet om elk zakelijk contract met een telecomaanbieder — een grootzakelijk maatwerkcontract met een eigen accountmanager en onderhandelde voorwaarden valt hier doorgaans buiten — maar wel om de standaardbundels en abonnementen die kleinere bedrijven afsluiten voor mobiel, vast internet of een zakelijk telefoonnummer.

Check dus specifiek bij een telefoon- of internetabonnement of de opzegtermijn die de leverancier hanteert wel klopt met deze regel. Rekent een aanbieder bij een stilzwijgend verlengd zakelijk telecomcontract een langere opzegtermijn of opzegkosten, dan kun je je op deze regel beroepen. Voor alle andere soorten zakelijke contracten — van software-abonnementen tot onderhoudscontracten en verzekeringen — geldt deze uitzondering niet, en ben je aangewezen op wat er in het contract zelf staat.

Reflexwerking: soms toch bescherming

Er bestaat nog een tweede uitzondering, en die is minder scherp afgebakend: reflexwerking. KVK legt uit dat "kleine bedrijven, zoals een vof of eenmanszaak, in sommige gevallen toch een beroep [kunnen] doen op het consumentenrecht" — dus ook op de opzegtermijn van één maand uit de Wet Van Dam. Een rechter kan dan alsnog de consumentenregels toepassen op een zakelijk contract.

KVK noemt daarvoor drie voorwaarden. Het contract moet zijn gesloten met een duidelijk grotere partij. Het product of de dienst moet buiten jouw eigen vakgebied vallen. En het gaat vooral om situaties waarin een zakelijk contract eigenlijk privé wordt gebruikt, zoals een zakelijk mobiel abonnement dat alleen privé wordt gebruikt.

Het voorbeeld dat KVK zelf geeft, maakt het onderscheid concreet: een zzp'er die adviesdiensten levert en een grote partij inhuurt om een website te bouwen, kan een beroep doen op reflexwerking, omdat "deze opdracht buiten zijn eigen vakgebied valt" en niet essentieel is voor zijn kernwerk. Een webshopeigenaar die dezelfde bouwer inhuurt, kan dat niet, omdat de website juist "een belangrijk onderdeel is van je werkzaamheden". Een rechter kijkt uiteindelijk naar het verschil in professionaliteit en onderhandelingspositie tussen de partijen, en naar de vraag of de overeenkomst bij je normale bedrijfsactiviteiten hoort. Reflexwerking is dus geen vaste regel waar je vooraf op kunt rekenen — het is een mogelijke uitkomst van een rechtszaak, geen garantie vooraf.

Wat je nu concreet kunt doen

Omdat de wettelijke bescherming bij zakelijke contracten grotendeels wegvalt, ligt de verantwoordelijkheid bij het contract zelf — en bij hoe goed je bijhoudt wat er loopt. Een paar dingen die praktisch verschil maken:

  • Lees de opzegtermijn en verlengingsclausule voordat je tekent, niet pas als je wilt opzeggen. Een opzegtermijn van drie maanden bij een jaarcontract betekent dat je uiterlijk negen maanden na de start al moet opzeggen om het jaar erna niet vast te zitten.
  • Houd per contract de opzegdatum bij, niet alleen de einddatum. Bij stilzwijgende verlenging ligt de opzegdatum vaak weken vóór de einddatum, en die datum staat zelden prominent op de factuur.
  • Check bij een telecomcontract specifiek of de opzegtermijn boven de wettelijke maand uitkomt — dat is een van de weinige punten waar je als klein bedrijf hard staat.
  • Vraag bij het afsluiten van een nieuw contract gewoon om een kortere opzegtermijn. Veel leveranciers hanteren hun standaardvoorwaarden omdat er zelden om iets anders wordt gevraagd, niet omdat onderhandelen onmogelijk is.
  • Bewaar contracten en algemene voorwaarden op één plek, gekoppeld aan hun opzegdatum, zodat je niet afhankelijk bent van iemands geheugen.

Het uitgangspunt is simpel: bij een zakelijk contract is de opzegtermijn wat er in de kleine lettertjes staat, tenzij het om een telecomcontract gaat of een rechter reflexwerking toekent. Allebei zijn uitzonderingen, geen basisregel. Een gemiste opzegtermijn van een maand kan zomaar een heel jaar extra contractverplichting kosten.